FAQ

Een Eigen Kracht-traject en de hulpverlening?

Een EK-traject zet de hulpverlening niet “buiten spel”. Integendeel. We streven naar een goede afstemming met hulpverlenende instanties. Maar we maken ruimte voor iemands eigen kring om in een besloten bijeenkomst, zonder buitenstaanders, te overleggen en uit te zoeken wat haalbaar en zinvol lijkt. Als ze die kans krijgen komen families vaak zelf met verrassende oplossingen, omdat het plan op hun lijf geschreven is.

Daardoor verloopt de uitvoering van de afspraken vlotter. Juist omdat ze zo op maat geschreven zijn. In het plan kan professionele hulp vraaggestuurd opgenomen worden. Ook dàt vergroot de slaagkans van het plan. Mensen in de problemen worden soms geconfronteerd met allerlei zorginstanties en professionelen.

Iedereen doet zijn best maar botst met hoge werkdruk en tijdstekort. Zo werken hulpverleners voor kinderen, jongeren en gezinnen vaak enkel met ouders en de school. Het is immers erg arbeidsintensief voor individuele hulpverleners om zicht te krijgen op het bredere sociaal netwerk van iemand. Hierdoor worden mogelijke hulpbronnen binnen de brede context niet aangesproken. Via een Eigen Kracht-traject komt er meer tijd vrij om meer mensen aan te spreken. De Eigen Kracht-coördinator is een vrijwilliger, niet gebonden door tijdsdruk.

Uiteindelijk worden zo professionele expertise en steun uit de eigen kring met elkaar verbonden. Tezelfdertijd behoudt de burger de zeggenschap over de kwestie waar hij/zij mee zit.

Wanneer kan een Eigen Kracht-traject zinvol zijn?

Een Eigen Kracht-conferentie kan een steun voor je zijn op momenten in je leven wanneer je niet goed weet hoe het verder kan.
Er zijn al Eigen Kracht-trajecten geweest als er plannen gemaakt moesten worden of beslissingen genomen rond:
– opvoedingsvragen als ouder
– problemen van de kinderen, jongeren
– pestsituaties
– opvoedingsmoeilijkheden
– echtscheidingsbemiddeling
– herstel na conflicten, tussen bekenden of met derden
– ziekte- of ouderdomssituaties (bv. langer thuis wonen)
– dreigende uithuisplaatsingen
– tewerkstellingsvragen
– reïntegratie in de maatschappij
– wijk- of buurtverbetering
– …

Hoe zijn Eigen Kracht-conferenties ontstaan?

Het model van Eigen Kracht-conferenties ontstond in Nieuw-Zeeland, binnen een dynamiek van meer en consequente ruimte voor burgerrechten. Er werd een model ontwikkeld waarbij de oorspronkelijke bevolking van Nieuw-Zeeland, de Maori’s, actief zelf de besluitvorming in handen namen bij gezinsproblemen. De voorbije twintig jaar werd ‘Family Group Conferencing’ in verschillende landen succesvol geïmplementeerd. In Nederland en België werd de term vertaald naar ‘Eigen Kracht-conferenties’.

Werken Eigen Kracht-conferenties wel?

Eigen Kracht-conferenties bestaan reeds jaren in tientallen landen: Nieuw-Zeeland, Groot-Brittannië, Australië, Canada, Zweden, Oostenrijk, Denemarken, Schotland, Servië, Bulgarije, Ierland, Verenigde Staten, Nederland… Ze worden vaak ingezet in crisissituaties waar de situatie noodzaakt om ingrijpende beslissingen te nemen zoals bijvoorbeeld een uithuisplaatsing van kinderen of de jongeren.

In een aantal landen is Eigen Kracht-conferentie een wettelijke recht: vooraleer hulpverlenende instanties ingrijpende beslissingen nemen in een gezin, heeft de familie het recht zelf een plan te bedenken. Doordat mensen zelf een plan maken vanuit de deskundigheid over hun eigen leven (eventueel in samenwerking met betrokken professionals), is een plan steeds op maat en daardoor de kans op slagen maximaal.

Komt er wel iemand opdagen op zo’n Eigen Kracht-bijeenkomst?

Zowel het kerngezin als de reeds betrokken hulpverleners zijn vaak bezorgd dat er niemand zal komen. Vaak is de sfeer binnen de brede familie en het sociaal netwerk nogal gespannen, staat een gezin geïsoleerd. De realiteit is dat er in zulke complexe situaties gemiddeld 12 mensen op een EK-bijeenkomst aanwezig zijn. Het betreft tantes nonkels, buren, vrienden. Oude vetes, niet afgeloste schulden en dergelijke kunnen blijkbaar opzijgezet worden als het om het belang van een kind gaat. Maar ook voor ouderen, (ex) gedetineerden, kwetsbare volwassenen,… zijn mensen steeds opnieuw bereid gevonden om samen na te denken en een plan te maken voor de toekomst.

Komen families wel tot veilige en creatieve plannen?

Een plan bevat gemiddeld 17 afspraken, over verschillende levensdomeinen. Voorbeelden van afspraken zijn: “als moeder weg wil, zorgt ze zelf voor een oppas”, “tante zal schoolwerk nakijken”, “vader belt kind één keer per week”, “zolang er geen pleeggezin is, wonen kinderen bij opa en oma”, … . Vaak worden er zo personen betrokken in het actieplan waar hulpverleners anders wellicht geen contact mee zouden hebben.

95 % van alle plannen voldoet aan de voorwaarden die gesteld worden zoals bijvoorbeeld de veiligheid van het kind. Een Eigen Kracht-conferentie leidt dus tot een zeer hoog percentage plannen die aanvaard worden. Bovendien betreft het een plan dat door de sociale context en de jongere zelf geaccepteerd is.

Wie moet die plannen uitvoeren en komt er wel wat van?

Uit onderzoek (WESP, NL) blijkt dat de steungroep (familie en andere betrokken deelnemers) betrouwbaar is in het nakomen van haar afspraken. De meeste afspraken in het plan, namelijk 80% wordt ingevuld door de familie of directe steungroep zelf. Slechts 20 % van de vragen betreft professionele hulpverlening zoals bijvoorbeeld gezinstherapie of tijdelijke professionele residentiële opvang.

Uit follow-up onderzoek in Nederland (“De familie aan zet”) blijkt dat de plannen van families even effectief zijn als klassieke hulp, maar veel sneller effect hebben. Tantes en nonkels hebben immers geen wachtlijsten!

Waarom werken met vrijwilligers?

Werken met vrijwilligers kan een meerwaarde bieden daar waar er meer tijd nodig is. Bijvoorbeeld bij veel conflicten, weerstanden, verbroken verbindingen of nog andere factoren. Tijd is een belangrijk gegeven binnen EKc’s. Een EK-traject duurt gemiddeld een 12-tal weken.

Deze tijd is nodig om tot werkbare vragen te komen voor de conferentie en om zoveel mogelijk deelnemers uit te nodigen en voor te bereiden. Het proces van de voorbereiding blijkt minstens zo belangrijk te zijn als de conferentie zelf.

De positie van de vrijwilliger t.o.v. het gezin/de kernfiguur is ook anders. De vrijwilliger is geen hulpverlener. Dat maakt dat er een andere vertrouwensband kan ontstaan.